"Uw woord is een lamp voor mijn voet en een licht op mijn pad"
Psalm 119:105
Zou u graag 's nachts zonder enig licht uw weg alleen door een donker bos moeten vinden?
Wat zou u van iemand denken die een licht had, maar het gewoon niet meenam? Op geestelijk gebied is dat precies wat velen doen.
Het licht van Gods woord hebben wij nodig om in een donkere en gevaarlijke wereld, onze schreden langs een veilige weg te richten. Zonder dit licht kunnen wij de weg niet vinden. Velen maken echter geen enkel gebruik van dit levenslicht dat God hen heeft geschonken. Ze zijn als mensen die 's nachts met hun auto vertrekken zonder de koplichten aan te steken.
En wat van iemand die 's nachts het bos ingaat, zijn zaklamp meeneemt, maar zonder batterijen? Dit zijn mensen die een bijbel hebben, maar er nooit in lezen. Welke waarde heeft een lamp zonder olie of een zaklamp zonder batterijen?
Voor een lange wandeling, heeft men zelfs reservebatterijen nodig!
Jezus vertelde het verhaal van vijf dwaze maagden die 's nachts met hun lampen de bruidegom tegemoet gingen, maar zonder extra olie (Matteüs 25:1-13). In de lampen zelf was er olie, maar een reserve hadden ze niet. Op het beslissend moment begonnen hun lampen te doven.
Dit zijn mensen die een beetje kennis van Gods woord hebben, maar niet voldoende om het doel te bereiken.
Het woord Gods moet rijkelijk in ons wonen (Kolossenzen 3:16).
Petrus heeft geschreven: "En wij achten het profetische woord (daarom) des te vaster, en gij doet wèl, er acht op te geven als op een lamp, die schijnt in een duistere plaats, totdat de dag aanbreekt en de morgenster opgaat in uw harten. Dit moet gij vooral weten, dat geen profetie der Schrift een eigenmachtige uitlegging toelaat; want nooit is profetie voortgekomen uit de wil van een mens, maar, door de Heilige Geest gedreven, hebben mensen van Godswege gesproken" (2 Petrus 1:19-21).
De morgenster moet in onze harten opgaan. Gods woord kan ons alleen van binnenin verlichten. Het is niet voldoende een bijbel op uw boekenplank te hebben. Gods woord moet in uw hart wonen. Door uw ogen en oren moet het tot uw geest toegang vinden. Wij hebben geen klep voor een bijbelcassette boven op ons hoofd. Om Gods woord in ons hart te hebben, moeten wij naar de prediking van het woord luisteren, aan bijbelstudies deelnemen, en de Schrift lezen.
Wij moeten weten wat in de Schrift staat, maar dat is niet voldoende. We moeten Gods woord ook verstaan. Paulus heeft gebeden: "opdat de God van onze Here Jezus Christus, de Vader der heerlijkheid, u geve de Geest van wijsheid en van openbaring om Hem recht te kennen: verlichte ogen [uws] harten, zodat gij weet, welke hoop zijn roeping wekt, hoe rijk de heerlijkheid is zijner erfenis bij de heiligen" (Efeziërs 1:17,18).
Dit geestelijk inzicht moet ons leven beheersen: "Het woord van Christus wone rijkelijk in u, zodat gij in alle wijsheid elkander leert en terechtwijst en met psalmen, lofzangen en geestelijke liederen zingende, Gode dank brengt in uw harten. En al wat gij doet met woord of werk, doet het alles in de naam des Heren Jezus, God, de Vader, dankende door Hem!" (Kolossenzen 3:16,17).
Wat betekent het om alles in de naam des Heren te doen?
Sommigen vatten deze tekst verkeerd op. Ze menen dat ze mogen maar doen wat ze willen, zolang ze zeggen dat ze in de naam des Heren handelen!
Om in de naam des Heren te handelen, moeten onze woorden en daden in overeenstemming met Zijn woord zijn! Daarom moet Gods woord rijkelijk in ons wonen, opdat wij kunnen weten wat wij moeten doen en zeggen! Alleen dan kunnen wij alles in de naam des Heren doen. Jezus heeft ons gewaarschuwd: "Niet een ieder, die tot Mij zegt: Here, Here, zal het Koninkrijk der hemelen binnengaan, maar wie doet de wil mijns Vaders, die in de hemelen is" (Matteüs 7:21).
We moeten reserveolie meenemen. Gods woord moet rijkelijk in ons wonen. En onze daden moeten daarmee in overeenstemming zijn.
We moeten in het licht wandelen (1 Johannes 1:6,7).
Dit betekent eveneens dat wij niet mogen wandelen waar er geen licht is! Wat als wij in het donker wandelen, elders dan waar het licht schijnt?
Paulus wou dat de Korintiërs zouden "leren niet te gaan boven hetgeen geschreven staat" (1 Korintiërs 4:6). In Jesaja 8:20 lezen wij: "Tot de wet en tot de getuigenis! Voor wie niet spreekt naar dit woord, is er geen dageraad". Petrus heeft bevolen: "Spreekt iemand, laten het woorden zijn als van God" (1 Petrus 4:11).
Wat wij doen en zeggen moet met Gods woord overeenkomen. Anders zijn wij als mensen die wandelen waar het licht niet schijnt.
Licht heeft geen waarde voor iemand die blind is. Hij herkent het licht niet en hij heeft er niets aan.
Dit geldt eveneens voor wie geestelijk blind is. Jezus zei van de huichelachtige godsdienstige leiders van Zijn tijd: "Laat hen gaan, blinden zijn zij, die blinden leiden. Indien een blinde een blinde leidt, zullen zij beiden in een put vallen" (Matteüs 15:14).
Johannes waarschuwt: "maar wie zijn broeder haat, is in de duisternis en wandelt in de duisternis, en hij weet niet waar hij heengaat, want de duisternis heeft zijn ogen verblind" (1 Johannes 2:11). Ogen zonder liefde, zijn voor het licht van Gods woord verblind.
Ezechiël werd verteld: "Mensenkind, gij woont te midden van een weerspannig geslacht; van hen die ogen hebben om te zien, maar niet zien; die oren hebben om te horen, maar niet horen, want zij zijn een weerspannig geslacht" (Ezechiël 12:2). De ogen van de weerspannigen zijn voor het licht van Gods woord verblind. Weerspannigen willen zich niet aan het gezag van God onderwerpen.
Het woord van God is gezaghebbend en maatgevend. Dit betekent dat wij moeten doen wat God zegt en wat God niet voorschrijft moeten wij laten.
Weerspannigheid is een ernstig probleem in de christenheid. Kerkgenootschappen zijn weerspannig. Ze gebruiken Gods woord slechts als uitgangspunt. Ze doen vele dingen die nergens in het Nieuwe Testament worden voorgeschreven, en ze verzuimen te doen wat wel wordt voorgeschreven. Ze doen gewoon wat ze willen, of ze volgen hun eigen traditie.
Gods woord is ons patroon. Paulus heeft Timoteüs bevolen: "Neem tot voorbeeld de gezonde woorden, die gij van mij gehoord hebt, in het geloof en de liefde, die in Christus Jezus is" (2 Timoteüs 1:13). Het woord in de grondtekst voor 'voorbeeld' betekent 'patroon'.
Wat is het gevolg indien men een patroon niet voorzicht volgt? Wat als men een kleed lukraak uitsnijdt zonder het patroon nauwkeurig te volgen? Het zal geen fatsoenlijk kleed zijn.
Om door Gods genade uit de zonde behouden te worden, moet u "van harte gehoorzaam" worden "aan die vorm van onderricht, die u overgeleverd is" (Romeinen 6:17). Het woord hier voor "vorm" kan ook als "patroon" vertaald worden. In de grondtekst staat letterlijk "die vorm van onderricht, waaraan u werd overgeleverd". Het licht volgt ons niet, wij moeten het licht volgen.
Gods woord is een lamp voor onze voeten en een licht op onze pad. Om in het licht te wandelen, moeten wij de Schrift kennen, het woord verstaan, en de wil van God doen. Wij moeten in het licht wandelen, en vermijden te wandelen waar er geen licht is.
Roy Davison
De schriftgedeelten in dit artikel zijn uit de Nieuwe Vertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 1951 (tenzij anders aangeduid).